|
Wie
is Roland Melse volgens Roland Melse?
In
1996 ben ik afgestudeerd in de richting Milieutechnologie in Wageningen.
Na een tijdje in het bedrijfsleven te hebben gewerkt, ben ik sinds tien
jaar actief als onderzoeker op milieugebied en veehouderij.
Ik werk bij de business unit Livestock Research van Wageningen UR.
Wat
doet Roland Melse?
De
laatste jaren werk ik op het gebied van luchtwassers.
Het aantal luchtwassers is de laatste jaren sterk toegenomen.
Hierdoor speelt de luchtwasser dus een steeds belangrijkere rol bij het
mogelijk maken
van de intensieve veehouderij.
Aan de ene kant doen we metingen (ammoniak, geur, fijnstof) aan in de
praktijk draaiende wassers.
Aan de andere kant proberen we een rol te spelen in het verbeteren van
de werking en robuustheid van wassers.
We werken zowel in opdracht voor de overheid als voor het bedrijfsleven.
Wat
is een goede manier van luchtwassen?
Er
bestaan verschillende types luchtwassers: biologische, chemische en een
combinatie daarvan.
Elk type heeft zijn voor- en nadelen.
Een goede manier van luchtwassen betekent voor al deze systemen
dat er regelmatig onderhoud wordt gepleegd (schoonmaken pakketten) en
dat de werking regelmatig wordt gecontroleerd.
Dit kan gebeuren door de veehouder en/of wasserleverancier.
Alleen op die manier kun je garanderen dat de luchtwasser goed werkt.
Wat
heeft de toekomst, Chemische of Biologische wassers?
Zoals
gezegd heeft elk type wasser zijn voor- en nadelen.
Wanneer het belangrijkste doel het terugbrengen van ammoniakreductie is,
ligt het voor de hand om een chemische wasser te kiezen.
Wanneer echter geurreductie ook belangrijk is, kan een biowasser een geschiktere
keus zijn.
Chemische en biologische wassers zijn dus twee naast elkaar bestaande
technieken; beiden hebben een eigen toepassingsgebied en zullen dat houden.
Op dit moment is 90% van alle luchtwassers een chemische luchtwasser en
10% een biowasser.
Heeft
luchtwassen alleen voordelen of ook nadelen?
Luchtwassers
worden vaak beschouwd worden als een dure techniek.
Aan de andere kant kan op deze manier natuurlijk een aanzienlijke emissiereductie
van ammoniak worden bereikt. Daarnaast valt de geurverwijdering van wassers
nog wel eens tegen.
Help,
mijn buurman is veehouder en gaat een luchtwasser plaatsen. Moet ik me
nu zorgen maken?
In
principe is een goeddraaiende luchtwasser niets om je zorgen over te maken.
Maar het houdt niet op bij het plaatsen van een wasser: hij moet natuurlijk
aanstaan en daarnaast moet er serieus werk worden gemaakt van het goed
laten draaien van het apparaat.
In
2013 is iedere veehouder verplicht over een luchtwasser te beschikken.
Is dit haalbaar?
Ik
weet niet of in 2013 iedere veehouder verplicht is om een luchtwasser
te hebben. Wat ik wel denk is dat het aantal wassers nog zal toenemen
de komende paar jaar.
Het wordt dus steeds belangrijker dat de samenleving er op kan rekenen
dat deze dingen ook doen waarvoor ze zijn gemaakt.
We denken dat elektronische registratie van de essentiële procesfactoren
hierin een belangrijke rol kan spelen.
Hoe
zit het met het luchtwasverhaal in de rest van Europa?
In
bijvoorbeeld Duitsland en Denemarken is men ook druk bezig met wassers.
In de rest van Europa is er weinig interesse in luchtwassers.
Dit is het directe gevolg van het "nationale emissieplafond"
voor ammoniak:
een land dat zijn ammoniakemissie sterk moet verlagen (bijv. Nederland)
komt vanzelf uit bij technieken voor emissiereductie.
In een land waarbij de ammoniakemissie niet of nauwelijks omlaag moet,
heeft men geen interesse in luchtwassers.
Megastallen,
een hot item in de veehouderij.
Hoe staat Roland Melse tegenover deze ontwikkelingen?
Ik
denk dat het grootschalig houden van dieren een logisch gevolg is van
de eisen die we aan de veehouderij stellen wat betreft milieu en welzijn.
Het is nu eenmaal zo dat investeringen vaak alleen mogelijk zijn bij schaalvergroting,
ervan uitgaand dat de consument in de supermarkt zich nog steeds vooral
door de prijs laat leiden.
Het wordt bij toenemende schaalgrootte wel steeds belangrijker dat de
samenleving er op kan rekenen dat de emissiereductietechnieken (luchtwassers)
naar behoren functioneren.
Hoe
ziet Roland Melse de veehouderij over 20 jaar (2030)
Dit
blijft voor een groot deel koffiedik kijken.
Daarnaast is het goed om te onderscheiden of een toekomstvisie een wensbeeld
is of dat een toekomstvisie iets is wat je daadwerkelijk denkt te bereiken
over 20 jaar.
Ik zie het in ieder geval wel gebeuren dat de veehouderij zich meer en
meer in agroproductieachtige parken gaat concentreren.
Dus grootschalige intensieve productie, maar dan in een soort industriegebieden
en niet meer in buitengebieden.
Op deze manier kan het buitengebied zijn huidige karakter houden,
en dat lijkt toch een belangrijke zaak (in het bijzonder) voor de mensen
die daar wonen.
|